
Geschiedenis

Onze geschiedenismuur in Hotel Die Port van Cleve
Als je tegenwoordig Die Port van Cleve bezoekt, voel je nog steeds de sfeer van historische tijden. Moderne faciliteiten en elementen zijn zorgvuldig geïntegreerd in de unieke architectuur van het gebouw. De combinatie van erfgoed, gastvrijheid en persoonlijke service leeft voort in ons hotel en verzekert elke gast van een buitengewoon verblijf in de bruisende stad Amsterdam.
1864
Alles begon met Heineken bier
Ons verhaal begint enkele eeuwen geleden met een vrouw genaamd Weyntgen Elberts, die de moutmolen “De Hooiberg” erfde van haar recent overleden echtgenoot. Toen het idee ontstond om het bedrijf uit te breiden en bier te gaan brouwen, kocht ze een van de monumentale gebouwen op het terrein waar nu Die Port van Cleve staat. In de eeuwen die volgden, breidde de brouwerij zich uit en werd lokaal succesvol onder leiding van de nakomelingen van Weyntgen. Maar toen de familie de brouwerij niet aan de volgende generatie kon doorgeven, kwam een 22-jarige brouwer in beeld. Gerard Adriaan Heineken, een jonge man met veel verstand van financiën en zakelijke aangelegenheden, kocht ‘De Hooiberg’ in 1864 met financiële hulp van zijn moeder. Ze hadden geen idee dat dit het begin zou zijn van een veel groter verhaal...

'De Hooiberg' brouwerij
1868
Twee mannen met een Visie
In 1868 besloot de gemeente om bepaalde grachten in het centrum van de stad te dempen om de toegankelijkheid voor voetgangers en handelaren te verbeteren. Beide grachten rondom de brouwerij ‘De Hooiberg’ werden gedempt, waardoor de bevoorrading per schip werd afgesloten. Hierdoor werd Gerard Heineken gedwongen zijn brouwerij te verplaatsen naar de Stadhouderskade, waar nu de Heineken Experience is gevestigd. Deze verhuizing trok de aandacht van twee visionaire broers, Gerrit en Martinus Hulscher, die met Gerard Heineken overeenkwamen om een deel van het brouwerijcomplex “De Hooiberg” om te bouwen tot een bierhuis. Het bottelen van het hooiberg-bier bleef echter plaatsvinden aan de Nieuwezijds Voorburgwal, waar de gebroeders Hulscher de leiding hadden. Van daaruit werd het bier door de stad vervoerd of naar andere steden in Nederland verzonden.

Bierhuis 'Die Port van Cleve'

De gebroeders Hulscher

Muursteen gevonden in een van de muren
1870
Een grootse Ontdekking
Tijdens de renovatie om de brouwerij om te bouwen tot een bierhuis, werd in een muur een oude stenen tablet gevonden. Op de tablet stond ‘Huis ter Kleef’ een kasteel in Haarlem, dat vele jaren eerder tijdens de 80-jarige oorlog was verwoest. Op de steen staat ook de inscriptie "Die Port van Cleve", verwijzend naar de poort van ‘Huis ter Kleef’ die erboven is afgebeeld. De steen is waarschijnlijk naar Amsterdam verplaatst toen mensen na afloop van de oorlog de oorlogsresten opruimden, en kwam terecht in een van de pakhuizen aan de grachten. Toen de gebroeders Hulscher de steen vonden, besloten ze hun nieuwe bierhuis naar hun vondst te vernoemen. En zo werd op 5 september 1870 bierhuis Die Port van Cleve officieel geopend en was het vanaf de eerste avond erg populair en drukbezocht. “De Poort”, zoals het bierhuis nu in de volksmond werd genoemd, serveerde alleen bier dat werd gebrouwen in de brouwerij “De Hooiberg”, dat van uitstekende kwaliteit en smaak was.

Interieur van bierhuis 'Die Port van Cleve'

Steen gevonden tijdens de verbouwing

Krantenadvertentie voor de opening van 'Die Port van Cleve'
1874
Een gerenomeerdBierhuis
Niet alleen de lokale bevolking kwam graag naar ‘De Poort’, maar het was ook zeer aantrekkelijk voor alle bezoekers van Amsterdam. Zelfs mensen van het platte land voelden zich er zeer op hun gemak en hielpen er aan mee om in het hele land bekend te maken dat dit een bezienswaardigheid is in de hoofdstad. Die Port van Cleve kreeg veel erkenning, zonder dat er echt georganiseerde reclame werd gemaakt. Bij speciale gelegenheden trokken ze de aandacht door buitengewone activiteiten te organiseren. Net als bij de viering van het 25-jarig regeringsjubileum van koning Willem III, waarvoor een grote parade door de stad werd georganiseerd, hadden de gebroeders Hulscher grote ambities. In een tijd zonder elektrische verlichting was het moeilijk om hun bierhuis te laten opvallen tussen de parade. Daarom besloten ze een houten constructie te bouwen die het oude “Huis ter Kleef” van de gevelsteen voorstelde, en deze te verlichten met 7500 olielampen, waardoor je “De Poort” niet kon missen als je naar de koning zwaaide. Helaas werden de festiviteiten afgelast vanwege onverwacht slecht weer. De broers besloten echter toch om de 7500 olielampen aan te steken, ondanks dat mensen zeiden dat dat niet nodig was. Die nacht straalde Die Port van Cleve helderder dan ooit en uit dat doorzettingsvermogen ontstonden enkele nieuwe ideeën.

Houten constructie geplaatst voor de gevel, met 7500 vetlampen voor de intocht van Koning Willem III
1874
Traditie ontmoet Kwaliteit
Het jaar 1874 was een historisch jaar voor Die Port van Cleve, want naast de viering van de koning droeg de toenemende populariteit van “De Poort” bij aan de uitbreiding van hun diensten. Het bierhuis werd omgevormd tot een restaurant, waarmee een traditie werd gestart die vandaag de dag nog steeds voortgezet en gewaardeerd wordt. Op hun menu stond een genummerde biefstuk, een heerlijk mals stuk tournedos, dat werd geteld en geserveerd met een genummerd kaartje. Deze al snel beroemde genummerde biefstukken wekten niet alleen de interesse van vaste bezoekers van “De Poort”, maar trokken ook verzamelaars aan die een genummerd biefstukkaartje aan hun verzameling wilden toevoegen.
Niet alleen de genummerde steakkaarten waren opmerkelijk aan een bezoek aan restaurant “De Poort”, ook het bestelsysteem zou vandaag de dag ongehoord zijn. Terwijl een restaurant tegenwoordig meer rustig en ontspannen is, hoorde je in “De Poort” luid geklets en schreeuwende obers. Het gewone volk kon namelijk niet zo goed lezen en schrijven als wij tegenwoordig. Na het bestellen riep de ober dit zo luid mogelijk naar de keuken. De ober achter het buffet, “de echo” genoemd, herhaalde de bestelling naar de keuken, zonder ook maar één woord te missen. Dankzij dit systeem kon een steak binnen 3 minuten klaar zijn en aan tafel worden geserveerd. Dat is pas echt fastfood...

De man wiens stem nog steeds weerklinkt in 'De Poort': De Echo

De bediening van restaurant "De Poort"

Ontwerp van de certificaten bij de genummerde steak

Promotie tekening gemaakt voor de genummerde steaks
1879
De Lichtbron
In januari 1879 stond er een groot feest op het programma ter ere van de komst van koning Willem III en zijn pasgetrouwde vrouw, koningin Emma. Om ‘De Poort’ opnieuw in de schijnwerpers te zetten met de koninklijke familie, ontwikkelden de gebroeders Hulscher een groots project voor deze gelegenheid. Hoewel ook dit feest werd afgelast, zetten de broers door en verrichtten ze pionierswerk door Die Port van Cleve te verlichten met elektrische lampen. In totaal werden zes ‘Jesper Arc’-lampen, genoemd naar hun uitvinder, geïnstalleerd en werd ‘De Poort’ elke avond elektrisch verlicht. Mensen hadden in die tijd al veel gehoord over elektrische verlichting, maar ze hadden het nog nooit in zo'n gebouw zien worden gebruikt. Dit project trok veel mensen uit alle windstreken. Vanaf dat moment werd ‘De Poort’ nog populairder, omdat men onder de heldere elektrische verlichting een biertje moest drinken en iets moest eten. Zelfs de burgemeester en zijn wethouders kwamen deze nieuwigheid bekijken, die door de hele gemeenschap werd opgemerkt. Uit heel Nederland reisden fabrikanten en eigenaren van grote bedrijven naar Amsterdam om deze beroemde verlichting te zien. Het was een duur project, maar dat kon de gebroeders Hulscher niet afschrikken. Hiermee bewezen ze hun vooruitstrevende zakelijke geest.

De techniek achter de eerste elektrische verlichting, de 'Jesper Arc' lamp
1880
Gelijkheid in Amsterdam
Nu Die Port van Cleve niet alleen in de regio, maar ook in de buitenwijken van het land en daarbuiten een gerenommeerd etablissement aan het worden was, wilde iedereen een bezoek brengen aan die bruisende plek in Amsterdam. Deze reputatie maakte Die Port van Cleve tot een plek waar mensen uit alle lagen van de bevolking welkom waren en naast elkaar zaten. Boeren, burgers en beurshandelaren zaten allemaal samen aan één grote tafel. Het enige dat hen van elkaar onderscheidde, was hun kleding, want mode was een symbool van status. Verder was iedereen welkom en werd iedereen gelijk behandeld. Men kon hetzelfde niveau van uitmuntendheid en service verwachten als ieder ander. Een echte ambassadeur van deze gelijkheid in ‘De Poort’ was ober Johan. Hij was een van de bekende gezichten van ‘De Poort’ die er vele jaren werkte en nooit een gezicht vergat. Het verhaal gaat dat hij iemands bestelling kon onthouden door alleen maar naar hen te kijken, zelfs als hun volgende bezoek meer dan tien jaar later was.

De kleding die men droeg eind 1800

Ober Johan in zijn uniform
Het tuintje van Cleve
1885
Aan het einde van de 19e eeuw was het niet gebruikelijk dat dames café's bezochten, het werd zelfs als onfatsoenlijk beschouwd. Achter het gebouw van Die Port van Cleve, omringd door hoge huizen, lag een verborgen binnenplaats. Deze binnenplaats heette ‘Het Tuintje’. Tijdens de zomermaanden was deze tuin vol met mensen en de trouwe bezoekers brachten hun vrouwen en dochters mee, wat niet gebruikelijk was. Zelfs vooraanstaande dames uit de stad kwamen een kijkje nemen. Dit was voor die tijd erg ‘vooruitstrevend’ en werd door vrouwen zeer gewaardeerd. Zozeer zelfs dat sommigen hun ongenoegen uitten toen de tuin op 1 september voor zijn jaarlijkse sluiting de deuren sloot. Helaas moest de tuin op 24 augustus 1885 voor het publiek worden gesloten om plaats te maken voor uitbreidingen van het restaurant, ondanks het ongenoegen van de vaste bezoekers. Hoewel het niet bevestigd is, wordt in sommige brieven over een bezoek aan ‘De Poort’ vermeld dat vrouwen na de sluiting van de tuin welkom werden in het bierhuis-restaurant. Hoewel er alleen sprake is van een vrouw die haar man vergezelt, kan dit worden beschouwd als een kleine stap in de richting van de emancipatie van vrouwen.

Het tuintje van Cleve voor het gesloten werd
De Keizerskroon
1887
De gebroeders Hulscher waren echte ondernemers en zagen overal kansen. Toen ze bijvoorbeeld een wijngaard in Portugal konden kopen en verliefd werden op de complexiteit en smaken van port en sherry, wilden ze deze ervaring naar Amsterdam brengen. Naast ‘De Poort’ bevond zich een klein café, dat eigendom was van niemand minder dan Gerard Adriaan Heineken. Omdat ze al zo lang zakenpartners waren, konden de broers hem snel overtuigen om het café toe te voegen aan het complex van Die Port van Cleve als proeflokaal voor hun port- en sherryonderneming. Na een grootschalige renovatie werd Bodega ‘De Blauwe Parade’ in 1887 geopend, met een prachtig Delftsblauw tegeltableau dat de ruimte sierde en een enigszins vergeten verhaal over de stad Amsterdam vertelde. 'De Blauwe Parade', zoals het tegeltableau werd genoemd, werd ontworpen door de directeur van het Rijksmuseum en geproduceerd door Joost 't Hooft & Labouchere en A. Le Comte van Koninklijke Porceleyne Fles in Delft in hun typische wit-blauwe stijl. Het tableau toont een parade van kinderen, die de historische parade nabootst die werd georganiseerd ter ere van keizer Maximiliaan. De keizer stond de stad toe om zijn keizerskroon op het stadswapen te gebruiken in ruil voor de financiële steun die de stad verleende in een strijd tegen de Vlamingen. Vandaag de dag maakt bar-bodega De Blauwe Parade nog steeds deel uit van Die Port van Cleve en biedt het een unieke kans om de historische sfeer van de 19e eeuw te ervaren, waardoor men zich afvraagt welke verhalen zich tussen die muren hebben afgespeeld.

Bar-Bodega 'De Blauwe Parade' na het installeren van de tegeltableau

Middelpunt van het tegeltableau met keizer Maximiliaan in het midden.

Een glimps van hoe bar-bodega De Blauwe Parade er tegenwoordig uit ziet
1888
Tijden van Verandering
In 1888 werden er interne en externe veranderingen doorgevoerd. De gevel werd volledig gerenoveerd in Nederlandse neorenaissancestijl, met zandsteen, baksteen en hoge ramen. Dit architectonische ontwerp was van de hand van de Amsterdamse architect Isaac Gosschalk. Hij was bekend van het ontwerp van de Westergasfabriek en het Centraal Station van Groningen, maar ook van de brouwerij van zijn goede vriend Gerard Adriaan Heineken. Het is dan ook geen verrassing dat toen de gebroeders Hulscher op zoek waren naar een ontwerp dat paste bij de reputatie van ‘De Poort’, Gosschalk in hen opkwam. Met de toevoeging van bodega De Blauwe Parade was het logisch om de gevels van de twee gebouwen te renoveren, waardoor een samenhangende, maar toch opvallende gevel ontstond die perfect aansluit bij de sfeer van ‘De Poort’. Afgezien van het extra licht dat door de grote ramen binnenvalt, is de grote eetzaal niet veel veranderd en voelden de trouwe bezoekers zich er nog steeds thuis.

Het straatbeeld van de nieuwe facade op de Nieuwezijds Voorburgwal

Tekening van de nieuwe facade voor Die Port van Cleve
1910
Uitbeiden naar verfijnd eten
In 1910, rond het 40-jarig bestaan van “De Poort”, werd een grote verandering doorgevoerd: de bovenverdieping werd omgetoverd tot een modern Frans restaurant, volgens de nieuwste standaard en met een eigen keuken. Traplopen was niet meer nodig, want er werd een lift naar het restaurant geïnstalleerd. Het interieur was zeer elegant, met tapijten, wit tafellinnen en moderne verwarming.

Het Franse restaurant op de eerste verdieping van 'Die Port van Cleve'
1914-1918
Eerste Wereldoorlog
Helaas was er een periode die niet veel prettige herinneringen achterliet. Tijdens de Eerste Wereldoorlog had Die Port van Cleve het zwaar te verduren, omdat de voedseldistributie van kwaad tot erger ging. “De Poort” zonder biefstukken was niet langer ‘De Poort’. Deze periode duurde 5 maanden, er was zelfs geen boter, maar de chef-kok bleef bakken, tenminste met hun eigen voorraad. Als alternatief voor de biefstuk werden allerlei soorten vis gebruikt. De koks verrichtten wonderen en ontwikkelden voortdurend nieuwe gerechten. Sommige gerechten bevatten ook andere elementen zoals gebakken eieren, nieren, cornedbeef en ander ingeblikt voedsel. Op allerlei manieren slaagden ze erin om het bedrijf zo goed mogelijk draaiende te houden.

Het keukenpersoneel in restaurant 'De Poort"
Een helpende hand
1942
Die Port van Cleve bewees eens te meer een plek te zijn waar voor iedereen werd gezorgd tijdens de hongerwinter van de Tweede Wereldoorlog. Er was een enorme schaarste aan allerlei producten en brandstoffen. De situatie in Amsterdam was zeker dringend en om iedereen in nood te helpen, werd een overeenkomst getekend met de Centrale Voedselvereniging. De keuken van “De Poort” runde een gaarkeuken, waardoor veel huishoudens hun handen konden leggen op het broodnodige voedsel om deze donkere periode te overleven. Directeur Paula Kappelle had de dagelijkse leiding en zorgde ervoor dat het eten werd bereid en genoeg was voor de lange rijen hongerige mensen die met een pannetje voor de ingang aan de Spuistraat stonden te wachten.

Vrouwen delen maaltijden uit aan kinderen tijdens de hongerwinter van 1944-1945
Uitbeiden tot een Hotel
1960
Na de oorlog, toen de economie weer aantrok, kregen mensen interesse in internationale reizen. De globalisering nam toe, mede doordat vliegen steeds commerciëler werd, en dit bood ‘De Poort’ de kans om zijn activiteiten opnieuw uit te breiden. In tien jaar tijd werd ‘De Poort’ omgebouwd tot een hotel, compleet met een majestueuze lobby, hotelkamers, badkamers, suites en vergaderzalen. Hiervoor werden in totaal zes monumentale gebouwen met elkaar verbonden om 122 kamers te creëren. Er werden veel veranderingen doorgevoerd om hetzelfde niveau van service en gastvrijheid te bereiken waar het restaurant en de bar bekend om stonden. En opnieuw wist ‘De Poort’ zich te vestigen in een nieuwe markt, die zeer goed werd ontvangen door het nu internationale publiek.

Ingang van Hotel Die Port van Cleve in de zomer van 1979

Interieur van restaurant 'De Poort' tijdens de jaren 1970

Een suite in 'De Poort' tijdens de jaren 1970

De lobby in 'De Poort' tijdens de jaren 1970
1996
Een nieuw Tijdperk
Hotel Die Port van Cleve wordt gekocht door Aeon Plaza Hotels en er vindt een volledige renovatie plaats. Het was belangrijk om de historische uitstraling te behouden, dus de nieuwe meubels en het interieurontwerp weerspiegelen dat. Er werd een groot feest gehouden om iedereen het nieuwe gezicht van het hotel te laten zien, en Alfred Heineken, de kleinzoon van Gerard Heineken, kwam speciaal uit Monaco om dit evenement bij te wonen.

De Regentzaal (The Brewery Club) in Die Port van Cleve eind jaren 1990

Restaurant 'De Poort' eind jaren 1990

De kamers in Die Port van Cleve eind jaren 1990
2020
Geschiedenis met een modern randje
Rond het 150 jaar jubileum van Die Port van Cleve begint Aeon Plaza Hotels aan een project om de geschiedenis van ‘De Poort’ op een geheel nieuwe manier tot leven te brengen. In tien jaar tijd heeft elke hoek van Die Port van Cleve een complete make-over gekregen, waardoor de geschiedenis op een elegante en verfijnde manier tot leven komt, terwijl tegelijkertijd wordt voldaan aan de moderne normen, zoals klimaatbeheersing, wifi, digitale kamersleutels, enzovoort. Bij het herontwerpen van de kamers zijn acht verschillende thema's uit de fascinerende geschiedenis van ‘De Poort’ gevormd, om de kamers een bepaald karakter te geven en de verhalen die zich op dit terrein hebben afgespeeld erin te verweven.

Geschiedenis muur bij de ingang van Die Port van Cleve

Een standaard hotelkamer na de renovatie, met 'Het tuintje van Cleve' thema

'The Brewery Club' (vergaderzaal) na de renovatie
2021
Bekroning tot Hofleverancier
Ter gelegenheid van het 150-jarig bestaan van Die Port van Cleve heeft Commissaris van de Koning in Noord-Holland Arthur van Dijk de vestiging erkend vanwege haar rijke historie, bekendheid, reputatie en maatschappelijke betrokkenheid.
De Koning verleent het recht om het Koninklijk Wapen te voeren met de toevoeging “Hofleverancier bij Koninklijk Besluit” aan kleine en middelgrote ondernemingen die een vooraanstaande positie innemen in hun regio en 100, 125 of een veelvoud van 25 jaar bestaan. De bestuurders van het bedrijf moeten van onbesproken gedrag zijn, net als het bedrijf zelf. Koning Willem I introduceerde de Koninklijke Waarborg in 1815 en sindsdien heeft een selectie van bedrijven deze ontvangen.

De Managing Director en CEO van Aeon Plaza Hotels ontvangen het Hofleverancier wapen
2025
Het vieren van een mijlpaal
Toen Die Port van Cleve in 2020 zijn 150ste jubileum vierde, zat de hele wereld in lockdown en moesten hotels en andere bedrijven tijdelijk hun deuren sluiten. Hierdoor werd de viering van deze bijzondere mijlpaal uitgesteld tot het 155-jarig jubileum in 2025. Dat jaar organiseerde het team van Die Port van Cleve een jaar lang activiteiten ter ere van de rijke geschiedenis, waarbij elke maand een ander historisch thema centraal stond. Andere promoties die werden georganiseerd waren onder meer een Heineken biertje voor € 1,55, een limited edition stroopwafelblik in elke kamer als cadeau voor de hotelgasten, een limited edition LEGO-stenen set en een groot feest aan het einde van het jaar, waar verschillende muziekgenres en de geschiedenis van “De Poort” in perfecte harmonie samenkwamen. Het feest omvatte verschillende intieme concerten in hotelkamers, Bar De Blauwe Prade als geheime ‘speakeasy’-cocktailbar, een walking dinner met de beroemde genummerde biefstuk met een unieke telling en loterij, en een groot podium voor de vele verhalen die zich binnen deze muren hebben afgespeeld.

Hotelkamerconcert in 'The Emperor's Crown suite' boven 'De Blauwe Parade'

De Beroemde Genummerde Biefstuk geserveerd met een unieke nummering voor dit evenement

De LEGO stenen set gemaakt voor het 155ste jubileum van Die Port van Cleve
